Gerard Smal

Gerard Smals’ leidraad voor de toekomst

Leidraad voor de toekomst

Thuis woonden wij aan zee. De soms kalme maar meestal woeste zee, het fascinerende eb en vloed, de wisselende seizoenen, de vogels en planten in onze tuin, de natuur boeide mij geweldig. Maar met de natuur viel niet te spotten, dat leerde de watersnood van 1953. Onze buurman belde midden in de nacht op, het water klotste al tegen de ramen. Rampen pasten niet in ons wereldbeeld van wederopbouw na de 2e wereldoorlog. Na de beroemde “Atoms for Peace”-rede van president Eisenhouwer moest alles beter worden, volop stroom uit kernenergie. In 1956 opende  Prins Bernard een mini kernreactor op de tentoonstelling “Het Atoom”. Iedereen vergaapte zich aan het vernuft. Maar met de bijna kernramp in Harrisburg in 1979 was de lol eraf. Het is allemaal uit ons collectief geheugen verdwenen.

Zure regen

In 1982 kwam de zure regen. Ik woonde in een boerderij in de Peel. Bomen werden midden in de zomer bruin. Zure regen zei de krant, dat komt door het verkeer en de industrie. Vreemd want op het platteland was nauwelijks verkeer en industrie al helemaal niet. Ja, werd gezegd, die zure regen komt uit het Ruhrgebied aangewaaid. Maar de wind komt toch meestal uit het westen? Verlaging van het grondwater bleek de oorzaak. Ook allemaal uit ons collectief geheugen verdwenen.

Warmtepomp

Wij woonden dus op het platteland, zonder aardgas. Ik dacht dat een warmtepomp een oplossing zou zijn voor de peperdure verwarming op olie. Met behulp van een afgedankte airco uit een main-frame computer lukte het om een warmtepomp te maken. Die verwarmde met goedkope nachtstroom een opslagvat met water. Het was lekker warm in huis. Maar al snel bleek het kunststof opslagvat niet bestand tegen de trillingen van de warmtepomp. Midden in de nacht gutste tweeduizend liter water over de tegelvloer naar buiten. Niet leuk.

Zonnecollectoren

Nu woon ik in het buitengebied van Haaren. Op het dak heb ik tien jaar geleden  zonnecollectoren geplaatst waardoor wij driekwart van het jaar volop warm water hebben. Ook kocht ik toen al zonnepanelen, de stroom gebruik ik nog steeds voor verlichting.

Opwarming

Met ons allen hebben we nu met de opwarming van de aarde te maken. De Servische geleerde Milankoviċ heeft bewezen dat ijstijden en warme periodes elkaar afwisselen omdat de aardas wiebelt en de afstand aarde-zon varieert. Nu zitten we in de opwarming maar daarna komt onvermijdelijk weer een ijstijd. De “kleine ijstijd” uit onze middeleeuwen past niet in de theorie maar de winterse schilderijen van Baret Avercamp hangen wel in het Mauritshuis. Twijfels en discussies over de opwarming waren niet van de lucht.

Toen kwam Al Gore met zijn film. Later bleek dat hij het niet zo nauw genomen had met de hockeystick-grafiek waarmee hij aantoonde dat de opwarming hard ging maar de hele wereld was in één klap om.

Dus we moeten van de fossiele brandstoffen af. Zon en wind hebben de toekomst. Het oer-Hollandse windmolenbedrijf Lagerwey was juist door gebrek aan toekomstvisie van de overheid failliet gegaan. De Denen sprongen in het gat. De Duitser begonnen met de Energiewende maar die is inmiddels hopeloos vastgelopen. Ze hebben daar zelfs een  nieuw woord voor “Energieflaute”.

Bij ons wordt actie gevoerd om in 2050 wel 95% van alle energie uit alternatieve bron te halen, voornamelijk zon en wind. Nu is dat 6%. Zij baseren zich op het gunstigste van de 164 scenario’s van het IPCC. Dit scenario gaat uit van een zeer beperkte groei van de wereldbevolking, een geringe toename van het energieverbruik in Afrikaanse landen, een drastische energiebesparing in westerse landen, en weinig toename in het zich ontwikkelende India. En wat nooit wordt genoemd, een fikse bijdrage van kernenergie. Opmerkelijk is dat koken op hout in Afrika als CO2 neutraal en dus goed wordt beoordeeld. Jammer voor de vrouwen die in de rook stikken.

We beseffen dat het niet zo eenvoudig is van kolen, olie en gas af te komen. Nu al weten we dat ieder gezin als gevolg van de transitie in de komende jaren honderd euro per maand méér zal moeten betalen voor energie.

We gebruiken energie in de vorm van elektriciteit en warmte. De elektriciteit is maar een-vijfde deel, de rest is warmte voor woningen en industrie. Uit zon en wind maken we alleen stroom en die is twee tot driemaal zo duur als uit fossiele brandstoffen. Aardwarmte lijkt mooi maar het heeft dezelfde bezwaren als schaliegas.

We hebben steeds meer stroom nodig. Voor electrisch rijden, warmtepompen, warmte/koude opslag, straks hopelijk ook het vrachtverkeer en natuurlijk voor alles wat nu al stroom gebruikt. Dan maar stroom van zonnepanelen in de Sahara? Technisch niet zo eenvoudig en afhankelijk worden van de zonen van Kadafi trekt mij niet aan.

Wat dan?

Ik ging me in het energie vraagstuk verdiepen. Veel misverstanden. Zelfs het gerenommeerde Bloomberg moest vorig jaar een rapport terugtrekken omdat een gascentrale van 700 MW echt niet hetzelfde is als een windmolenpark van 700 MW want die gascentrale levert uiteindelijk driemaal zoveel stroom als de windmolens.

Over kernenergie bestaan ook veel misverstanden. Bijvoorbeeld blijken de beruchte haarscheurtjes in werkelijkheid minuscule gasbelletjes te zijn die altijd in gegoten staal zitten en bij het smeden platgewalst worden. Volkomen ongevaarlijk maar ondertussen wordt velen onnodige angst aangepraat. Een ander voorbeeld. In Fukushima maakte de tsunami twintig duizend slachtoffers. Niemand kwam door straling om. Toch heet het de grootste kernramp na Tsjernobyl. De straling in het geëvacueerde gebied is vergelijkbaar met de natuurlijke straling op diverse plaatsen in de wereld of wat in ons land toegestaan is voor medisch laboranten. Aan de voet van de Himalaya is de straling even hoog maar je kunt bij ons zout kopen uit dat gebied. In Finland is de straling de helft van Fukushima en dat zal daar zo blijven; in Japan verdwijnt het vanzelf.

We staan min of meer voor het blok. Wie denkt dat het met zon en wind gaat lukken is een optimist want er zijn veel beren op de weg. Ik noem een paar.

  • In Duitsland is met de Energiewende gebleken dat er een limiet zit aan het percentage wat de alternatieve energiebronnen kunnen bijdragen. Dat percentage ligt vermoedelijk tussen de 40 en 60 procent. Ook het instituut Clingendael is tot die conclusie gekomen. Waar moet de rest vandaan komen?
  • Windmolens op land zullen het verliezen van wind op zee alleen al om de reden dat als het op het land waait het altijd ook op zee waait, maar niet andersom. Dat betekent dat het verstandiger is in wind op zee te investeren.
  • Er is niet altijd evenveel zon en wind. De opbrengst varieert enorm. Dat vereist opslag van stroom. Dat maakt stroom duur. Waar ligt de grens dat het onbetaalbaar wordt?

En wat als het niet lukt? Dan zitten we pakweg in 2050 en de opwarming dendert door. Halsoverkop moet dan iets bedacht worden en hoe lang zal het dan nog duren voor die oplossing werkt? Ik denk dat we het zover niet moeten laten komen. Mijn idee is dat we twee dingen moeten doen: In de eerste plaats nu alles pakken wat maar kan. In de tweede plaats zorgen dat we een plan B hebben.

Nu alles pakken

Mooi, dat doen wij bijvoorbeeld met onze Dommelstroom. Laten we zo door gaan. Er zijn nog talloze mogelijkheden, met name voor zonnepanelen.
En laten we de jeugd er vooral van doordringen dat de transitie nodig is.

Plan B

Daarbij denk ik aan thorium. Thorium is het lieve zusje van uranium. In 1963 heeft in de VS al vijf jaar lang een type reactor gedraaid die met dat onschuldige thorium kon werken. President Nixon heeft het experiment gestopt omdat je met die reactor geen plutonium voor kernwapens kunt maken, iets wat wij nu een voordeel zouden noemen. De hele zaak raakte in de vergetelheid maar is nu her-ontdekt. Aan de Technische Universiteit Delft wordt hard gewerkt aan de verdere ontwikkeling van zo’n thorium reactor. Het zal nog jaren duren voor de eerste proefreactor klaar is en dan nog weer jaren voor de eerste reactor stroom gaat leveren. Maar het zou mooi op tijd kunnen zijn om als plan B te dienen. Ik noem een paar voordelen van de thorium reactor: kan niet ontploffen en een meltdown is principieel onmogelijk; geen afvalprobleem; uiteraard CO2-vrij. Misschien is het belangrijkste voordeel dat een thoriumreactor zich aanpast aan de vraag waardoor het een ideale combinatie is met zon en wind. Is er weinig zon of wind gaat de reactor vanzelf harder draaien en andersom. Investeringen die in zon en wind zijn gedaan worden door thorium niet overbodig. Voor geïnteresseerden geef ik lezingen over Thorium.

Haaren, april 2017, Gerard Smals, lid ledenraad coöperatie Waterkrachtcentrale Dommelstroom

3 antwoorden
  1. H. Mars
    H. Mars zegt:

    Een veel te weinig gehoord geluid: met de zogeheten duurzame energiebronnen redden we het niet. Het wil niet zeggen dat we die bronnen ongebruikt moeten laten (ik heb zelf ook Dommelstroomcertificaten), maar we hebben substantiele aanvullingen nodig. Wij gebruiken in Nederland per persoon per dag ongeveer 160 kWh. Afgezien van de productie-energie van in het buitenland geproduceerde zaken, zoals auto’s, textiel, huishoudelijke apparaten etc. Van die 160 kWh wordt op dit moment inderdaad ongeveer 6% duurzaam opgewekt. Je kunt uitrekenen dat het zal nooit meer worden dan zo’n 50%. Dat komt voornamelijk door de beperkte beschikbaarheid van zonne-, wind- en waterenergie in Nederland, en slechts in beperkte mate door de kwaliteit van de “omzetters” (windmolens, zonnepanelen, zonneboilers, waterturbines, warmtepompen). Iedereen die beweert dat we in 2050 volkomen onafhankelijk zullen zijn van fossiele brandstoffen (zoals bijvoorbeeld Diederik Samsom, die als fysicus bepaald moet kunnen rekenen) pleegt volksverlakkerij en zadelt volgende generaties op met een gigantisch energieprobleem.
    Dezelfde soort volksverlakkerij doet zich voor bij “groene stroom”. Die bestaat voor een deel uit met kernenergie opgewekte stroom, maar in Nederland wenst men die niet zelf te produceren. Dat laten we de Belgen en de Duitsers doen en blazen dan ook nog hoog van de toren als ze dat in onze ogen niet veilig genoeg doen.
    Ik denk dat het hoog tijd wordt dat de Nederlandse politiek in gaat zien dat er hard gewerkt moet worden aan een door Gerard Smals met B aangeduid plan. Thorium zou mooi zijn, evenals kernfusie, maar als die opties nog niet beschikbaar zijn is ook uranium prima, als we tenminste niet afhankelijk willen zijn van russen, arabieren, berbers of touaregs. Ik zie echter vooralsnog geen methode om dat de politiek duidelijk te maken.

    Beantwoorden
  2. Gerard Smals
    Gerard Smals zegt:

    De heer Mars maakt rake opmerkingen. Maar de kernfusie die hij noemt vind ik maar niks. Daar wordt al tientallen jaren aan gewerkt en heeft al vele miljoenen gekost met tot op heden nog niet eens een werkend prototype. Als een fusie-reactor eenmaal werkt zal het een ingewikkeld ding zijn wat zo kostbaar is dat landen als Frankrijk en Duitsland er misschien een of twee kunnen betalen. De stroomvoorziening zou daarmee van heel weinig centrales afhankelijk worden. Niet verstandig. Maar een groter nadeel is dat kernfusie Tritium als brandstof gebruikt. Dat Tritium moet gemaakt worden uit het op aarde heel weinig voorkomende lithium (hetzelfde als in de accu’s). Het omgekeerde van duurzaam.
    Als al het geld dat naar kernfusie is gegaan aan het eenvoudige Thorium was besteed dan was het energieprobleem al lang opgelost. Steun Thorium door je kosteloos en zonder verplichtingen aan te melden als “Vriend van het Thorium” op http://www.groenekernenergie.nl

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.